Palmpasen

Op Palmpasen, zondag 5 april, gaan we in optocht door de kerk maar ook daar buiten, een rondje door de buurt.  Een stoet van zingende en met takjes zwaaiende mensen, muzikanten en kinderen met vrolijk gekleurde palmpasenstokken. De processie is het begin van het verhaal van de Goede Week en grijpt terug op de intocht van Jezus in Jeruzalem.

De liturgie van Palmzondag is als een ruwe samenvatting van alles wat er rond Pasen te beleven valt. Jezus wordt als een koning geëerd. Feest. En direct daarna de grote woorden van lijden, goddeloosheid, nederigheid. Voor je het goed in de gaten hebt, zit je midden in het verhaal van het einde van Jezus. Verraden, gevangengenomen, gemarteld, verhoord, terechtgesteld en in een graf gelegd.
En dan naar huis. De Goede Week in. Of de Stille Week.

Het verhaal van de intocht in Jeruzalem, dat bij de wijding van de palmtakken hoort, schetst het beeld van een man op een ezeltje, een koning, één van de zachtmoedige soort. Zonder poeha. Iemand van wie ‘de bladen’ zouden zeggen: ‘Hij is gelukkig altijd heel gewoon gebleven’. Een koning, jawel, maar toch ook een beetje een buurman.
Wat maakt je dan enthousiast in die man? Wat zie je dan in die ‘Zoon van David’, waardoor je zo’n zeldzaam en massaal geluksgevoel krijgt?
En wat zorgt ervoor dat je zo iemand een paar dagen later zo gemakkelijk kunt verraden en verloochenen? Want degenen die nu nog zingend met takken zwaaien, slingeren een half uur later, in deze zelfde viering nog, scheldwoorden en verwensingen naar het hoofd van Jezus.

zie ook: www.intercitypasen.nl