Epifanie

Openbaring  van onze Heer Jezus Christus aan de volken. Dat stond centraal in de viering van 6 januari jl.
In de lezingen hoorden we:
“Duisternis bedekt de aarde en donkerte de naties,
maar over jou schijnt de HEER, zijn luister is boven jou zichtbaar ” (uit Jesaja 6)
en lazen we in het evangelie over de magiërs, de wijzen uit het oosten, die aan de machthebber in Jeruzalem vroegen: ‘Waar is de pasgeboren koning van de Joden? Wij hebben namelijk zijn ster zien opgaan en zijn gekomen om hem eer te bewijzen.”
Heil voor alle mensen, dat is de boodschap die op deze laatste zondag van de kerstkring klonk.

De kinderen van de kinderkerk hadden hard gewerkt aan het maken van koningspoppen. En ze hadden een cakeje gekregen; om lekker van te genieten maar ook om te kijken wie een hap met een boon zou treffen. Diegene mocht
namelijk koning voor een dag zijn!
Verkleed met kronen en met in hun handen glimmende kadoos voor het kind in de kribbe kwamen de kinderen weer terug in de kerk.

De feestelijke viering was al anders dan anders begonnen: pastoor Wijker werd niet geassisteerd door de gebruikelijke 20-minors-misdienaars, maar door de vijf kosters! Zij hadden de taak van misdienen op zich genomen op verzoek van de eerste koster Wim Kirchjünger. Wim nam tijdens de viering afscheid van zijn taak als koster.
In zijn toespraak sprak de pastoor onder anderen over de veelzijdige en ook veeleisende taak van een koster. Niet in het minst vanwege de pastoors van de parochie! Wim heeft met vier verschillende pastores van Hilversum te maken gehad, elk met hun eigen manier van doen en elk met hun eigen-wijsheid!
Met veel waardering, bloemen en een kado bedankte het kerkbestuur Wim voor zijn inzet en toewijding.

Na de viering werd in De Akker de nieuwsjaarsreceptie gehouden. Oliebollen, glaasjes, zoenen en wensen overal! 
Na enige tijd vroeg een stemmig gekleed kwartet een moment de aandacht. Het waren de kosters die met een mooie toespraak en een passend kado afscheid namen van eerste koster Wim. Hun ontroering en hun dank kwamen expressief tot uiting in het lied dat zij hem toezongen.
Dit lied, de toespraken, de vele handen die werden geschud, het waren allemaal manieren om Wim en zijn vrouw Nel te bedanken, van harte!

Kosterslied (melodie gezangboek 615), eerste couplet:

Wim gaat ons nu verlaten,
hij laat ons echt alleen.
Wij zijn in alle staten,
want waar moet het nu heen?
In al ons koster-werken
was Wim het die ons droeg,
Wim was al in de kerke
voordat je hem iets vroeg.