Onderweg in de tijd

Versobering in de Veertigdagentijd is ook tijdens de vieringen in de kerk op te merken.
De gezongen liederen zijn meer ingetogen en het Gloria, de lofzang op God, wordt niet meer gezongen.
Paars kleurt deze vastentijd.

Ook de schikking van de bloemen is verbonden met de periode van inkeer en het herijken van je leven.

Voor het altaar ligt op een basis van jute – herinnering aan het boetekleed – een grote tak en hei; uitdrukking van inkeer en het zoeken van de stilte om onszelf te reinigen.
Het kale hout verwijst naar terugkeer tot het wezenlijke.

In het midden van de schikking is zwartgeblakerd hout met as te zien. As herinnert mensen door de eeuwen heen aan de vergankelijkheid van het leven. Maar ook werd as gebruikt bij het maken van reinigingswater.

Wij zoeken verder onze weg naar Leven.